EN smacker
volume_up
{zelfstandig naamwoord}

1. spreektaal

smacker (ook: kiss)
volume_up
hocicazo {m} [Chi.] [spreek.] (beso)

2. "kiss", spreektaal

smacker (ook: smack)
volume_up
besote {m} [spreek.]

3. "mouth", spreektaal

smacker (ook: entrance, cakehole, kisser, muzzle)
smacker (ook: gob, kisser)
volume_up
jeta {v} [Lat. Am.] [spreek.]
smacker
volume_up
trompa {v} [Z.-Am.] [spreek.]
¡qué trompa tiene ese tipo!

4. Brits Engels, spreektaal

smacker (ook: smack)
volume_up
morreo {m} [Esp.] [spreek.] (beso)

5. "pound", Brits Engels, spreektaal

smacker (ook: pound, nicker, quid, sovereign)

6. "dollar", Amerikaans Engels, spreektaal

smacker (ook: dollar, greenback, buck)
smacker (ook: greenback)
volume_up
verde {m} [spreek.]