Duits | Uitdrukkingen - Reizen | Datum en Tijd

Datum en Tijd - Klokkijken

Сколько сейчас времени? (Skol'ko seychas vremeni?)
Wieviel Uhr ist es?
Vragen hoe laat het is
Сейчас__. (Seychas__.)
Es ist ___.
Klokkijken
...восемь часов. (...vosem' chasov.)
... acht Uhr.
heel uur
...полдевятого. (...poldevyatogo.)
... halb neun.
half uur na het hele uur
...четверть девятого. (...chetvert' devyatogo.)
... viertel nach acht.
kwartier over het hele uur
...без четверти восемь. (...bez chetverti vosem'.)
... dreiviertel 8/viertel vor 8.
kwartier voor het hele uur

Datum en Tijd - Tijd

Когда? (Kogda?)
Wann?
Om de precieze tijd en datum vragen
сейчас (seychas)
jetzt
Op dit moment
скоро (skoro)
bald
Binnen korte tijd
позже (pozzhe)
später
Over ongedefinieerde langere tijd
год назад (god nazad)
vor einem Jahr
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
в прошлом месяце (v proshlom mesyatse)
letzten Monat
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
на прошлой неделе (na proshloy nedele)
letzte Woche
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
вчера (vchera)
gestern
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
сегодня (segodnya)
heute
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
завтра (zavtra)
morgen
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
на следующей неделе (na sleduyushchey nedele)
nächste Woche
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
в следующем году (v sleduyushchem godu)
nächstes Jahr
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
секунд(а)/(ы) (sekund(a)/(y))
Sekunde(n)
Tijdseenheid
минут(а)/(ы) (minut(a)/(y))
Minute(n)
Tijdseenheid
Час(ы) (Chas(y))
Stunde(n)
Tijdseenheid
День/дни (Den'/dni)
Tag(e)
Tijdseenheid
Недел(я)/(и) (Nedel(ya)/(i))
Woche(n)
Tijdseenheid
Месяц(ы) (Mesyats(y))
Monat(e)
Tijdseenheid
Год(а) (God(a))
Jahr(e)
Tijdseenheid
рассвет (rassvet)
Sonnenaufgang
Moment van de dag
утро (utro)
Morgen
Moment van de dag
полдень (polden')
Mittag
Moment van de dag
после полудня (posle poludnya)
Nachmittag
Moment van de dag
вечер (vecher)
Abend
Moment van de dag
закат (zakat)
Sonnenuntergang
Moment van de dag
ночь (noch')
Nacht
Moment van de dag
полночь (polnoch')
Mitternacht
Moment van de dag

Datum en Tijd - Dagen van de week

понедельник (ponedel'nik)
Montag
Dag van de week
вторник (vtornik)
Dienstag
Dag van de week
среда (sreda)
Mittwoch
Dag van de week
четверг (chetverg)
Donnerstag
Dag van de week
пятница (pyatnitsa)
Freitag
Dag van de week
суббота (subbota)
Samstag
Dag van de week
воскресенье (voskresen'ye)
Sonntag
Dag van de week

Datum en Tijd - Seizoenen

весна (vesna)
Frühling
Jaargetijde
лето (leto)
Sommer
Jaargetijde
осень (osen')
Herbst
Jaargetijde
зима (zima)
Winter
Jaargetijde