Russisch | Uitdrukkingen - Reizen | Datum en Tijd

Datum en Tijd - Klokkijken

Wieviel Uhr ist es?
Сколько сейчас времени? (Skol'ko seychas vremeni?)
Vragen hoe laat het is
Es ist ___.
Сейчас__. (Seychas__.)
Klokkijken
... acht Uhr.
...восемь часов. (...vosem' chasov.)
heel uur
... halb neun.
...полдевятого. (...poldevyatogo.)
half uur na het hele uur
... viertel nach acht.
...четверть девятого. (...chetvert' devyatogo.)
kwartier over het hele uur
... dreiviertel 8/viertel vor 8.
...без четверти восемь. (...bez chetverti vosem'.)
kwartier voor het hele uur

Datum en Tijd - Tijd

Wann?
Когда? (Kogda?)
Om de precieze tijd en datum vragen
jetzt
сейчас (seychas)
Op dit moment
bald
скоро (skoro)
Binnen korte tijd
später
позже (pozzhe)
Over ongedefinieerde langere tijd
vor einem Jahr
год назад (god nazad)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
letzten Monat
в прошлом месяце (v proshlom mesyatse)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
letzte Woche
на прошлой неделе (na proshloy nedele)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
gestern
вчера (vchera)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
heute
сегодня (segodnya)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
morgen
завтра (zavtra)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
nächste Woche
на следующей неделе (na sleduyushchey nedele)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
nächstes Jahr
в следующем году (v sleduyushchem godu)
Tijd met als uitgangspunt de dag van vandaag
Sekunde(n)
секунд(а)/(ы) (sekund(a)/(y))
Tijdseenheid
Minute(n)
минут(а)/(ы) (minut(a)/(y))
Tijdseenheid
Stunde(n)
Час(ы) (Chas(y))
Tijdseenheid
Tag(e)
День/дни (Den'/dni)
Tijdseenheid
Woche(n)
Недел(я)/(и) (Nedel(ya)/(i))
Tijdseenheid
Monat(e)
Месяц(ы) (Mesyats(y))
Tijdseenheid
Jahr(e)
Год(а) (God(a))
Tijdseenheid
Sonnenaufgang
рассвет (rassvet)
Moment van de dag
Morgen
утро (utro)
Moment van de dag
Mittag
полдень (polden')
Moment van de dag
Nachmittag
после полудня (posle poludnya)
Moment van de dag
Abend
вечер (vecher)
Moment van de dag
Sonnenuntergang
закат (zakat)
Moment van de dag
Nacht
ночь (noch')
Moment van de dag
Mitternacht
полночь (polnoch')
Moment van de dag

Datum en Tijd - Dagen van de week

Montag
понедельник (ponedel'nik)
Dag van de week
Dienstag
вторник (vtornik)
Dag van de week
Mittwoch
среда (sreda)
Dag van de week
Donnerstag
четверг (chetverg)
Dag van de week
Freitag
пятница (pyatnitsa)
Dag van de week
Samstag
суббота (subbota)
Dag van de week
Sonntag
воскресенье (voskresen'ye)
Dag van de week

Datum en Tijd - Seizoenen

Frühling
весна (vesna)
Jaargetijde
Sommer
лето (leto)
Jaargetijde
Herbst
осень (osen')
Jaargetijde
Winter
зима (zima)
Jaargetijde